Weekendrust in de cabine : Vaditrans verliest zaak tegen België

 20/12/2017  Claude Yvens  Wetgeving
Weekendrust in de cabine : Vaditrans verliest zaak tegen België

Vandaag heeft het Europees Hof haar definitieve oordeel geveld in de zaak tussen Vaditrans en de Belgische staat. Dat oordeel betekent dat het verboden is om vrachtwagenchauffeurs hun weekendrust te laten houden in hun cabine, zegt de Nederlandse vakbond FNV.

Vaditrans, een transporteur uit Temse, diende op 8 augustus 2014 bij de Raad van State klacht in tegen het Koninklijk Besluit van 19 april 2014 dat vastlegt dat de lange wekelijkse rust voor chauffeurs niet meer in de vrachtwagen mag worden doorgebracht. Op grond van dit KB kan een boete van 1 800 EUR worden opgelegd wanneer de chauffeur zijn normale wekelijkse rusttijd in het voertuig doorbrengt.

Vaditrans (vertegenwoordigd door advokaat Frederik Vanden Bogaerde) stelde dat artikel 2 van het KB niet in overeenstemming is met het beginsel van de legaliteit van straffen, aangezien deze bepaling het doorbrengen van de normale wekelijkse rusttijd in het voertuig bestraft, terwijl in verordening nr. 561/2006 niet in een dergelijk verbod is voorzien. Daarop stelde de Raad van State een prejudiciële vraag aan het Europees Hof van Justitie, dat vandaag definitief uitspraak heeft gedaan.

Het Hof stelt o.a. vast dat :

  • “een vrachtwagencabine geen geschikte plaats blijkt te vormen voor langere rusttijden dan de dagelijkse rusttijden en de verkorte wekelijkse rusttijden. Bestuurders moeten de mogelijkheid hebben om hun normale wekelijkse rusttijden door te brengen op een plaats met passende en geschikte accommodatie.” (§44)
  • “artikel 8, leden 6 en 8, van verordening nr. 561/2006 moet worden uitgelegd dat bestuurders hun normale wekelijkse rusttijden bedoeld in dit artikel 8, lid 6, niet in het voertuig mogen doorbrengen.”
  • in het onderzoek van de tweede gestelde vraag (Indien het antwoord op de eerste vraag bevestigend is, schendt dan artikel 8, leden 6 en 8, van verordening nr. 561/2006, gelezen in samenhang met artikel 19 van deze verordening, het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel zoals verwoord in artikel 49 van het Handvest […] doordat voornoemde bepalingen van deze verordening niet uitdrukkelijk voorzien in het verbod om de normale wekelijkse rusttijden bedoeld in artikel 8, lid 6, van deze verordening in het voertuig door te brengen?) geen enkel punt naar voren is gekomen op grond waarvan de geldigheid van verordening nr. 561/2006 uit het oogpunt van het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel zoals verwoord in artikel 49, lid 1, van het Handvest, wordt aangetast.

De Nederlandse vakbond FNV voelt zich gesterkt door dit oordeel en vraagt aan de Nederlandse staat om snel te handhaven in deze materie. Tot nu toe heeft Nederland geen maatregelen genomen om ‘bivakkeren in de cabine’ in te perken. Werkgeversorganisatie TLN vindt dat deze uitspraak duidelijkheid schept. “We vinden dat positief. Hiermee is een gelijk speelveld voor transportondernemingen in Europa een stap dichterbij.”

In België is het nu even wachten op de Raad van State…

Ontvangt u onze wekelijkse nieuwsbrief nog niet? Schrijf je dan hier in!