Brexit: de UPTR waarschuwt voor de terugkeer van CEMT-vergunningen

 19/11/2018  Claude Yvens  Wetgeving
Brexit: de UPTR waarschuwt voor de terugkeer van CEMT-vergunningen

De inkt van het bereikte akkoord tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk over de belangrijkste voorwaarden van de Brexit is nog niet droog, of de reacties uit de transportwereld stromen al binnen. In België waagt de UPTR zich als eerste aan een reactie en een voorzichtig optimisme lijkt hier op zijn plaats te zijn.

Zoals u weet, heeft Theresa May haar regering gevraagd een akkoord te steunen dat de meeste problemen oplost die Europese en Britse bedrijven door de Brexit zouden ondervinden. In elk geval verdwijnt nu een groot deel van die onzekerheid die de economische wereld zo verafschuwt: de overgangsperiode is verlengd tot 31 december 2020 en de situatie van het Verenigd Koninkrijk wat betreft de eenheidsmarkt en de douane-unie blijft onveranderd, zodat een terugkeer van een fysieke grens tussen Noord- en Zuid-Ierland uitblijft.

Terug naar CEMT-vergunningen

Bij de UPTR tonen ze zich matig tevreden met het akkoord. Enerzijds vinden ze het een goede zaak dat het Verenigd Koninkrijk in de douane-unie blijft (zoals Turkije, Noorwegen en IJsland), maar secretaris-generaal Michael Reul betwijfelt dat dit akkoord ook automatisch betekent dat het vrije verkeer van goederen verzekerd is: “De douane-unie en het vrije verkeer zijn immers twee verschillende juridische concepten. Volgens de UPTR zouden de Belgische transporteurs die op Brits grondgebied actief zijn er goed aan doen zich de onheuglijke tijden te herinneren toen ze telkens voor internationale transportvergunningen moesten zorgen. Op dit ogenblik hebben we de bevestiging gekregen dat België het (nog) niet met de Britse overheid heeft gehad over een – bilaterale – overeenkomst voor de uitwisseling (en een quotum!) van transportvergunningen tussen onze beide landen. En dus zal het International Transport Forum een alternatief moeten zoeken om de dringendste problemen op te lossen.”

Reul benadrukt dat de afgifte van CEMT-vergunningen een gewestelijke bevoegdheid is geworden: “Het is bijgevolg helemaal niet zeker dat de federale regering dit zich de komende maanden over dit ‘Brexit’-probleem zal buigen. Met andere woorden, op minder dan vijf maanden voor de tijdslimiet lijkt het erop dat de Belgische politieke draaimolen nog een pak nieuwe – en onverwachte – problemen voor de Belgische transporteurs in petto heeft. En de administratieve papierwinkel die door de Brexit en door de regionalisatie wordt opgelegd, is niet echt waar transporteurs voor in de wieg zijn gelegd”, besluit hij.

Ontvangt u onze wekelijkse nieuwsbrief nog niet? Schrijf je dan hier in!