Mobiliteitspakket: Belgische beroepsorganisaties gematigd tevreden

 07/06/2018  Claude Yvens  Wetgeving
Mobiliteitspakket: Belgische beroepsorganisaties gematigd tevreden

De tekst die maandag door de Transportcommissie van het Europees Parlement werd goedgekeurd, doet nog altijd stof opwaaien. De drie beroepsorganisaties uit de Belgische transportsector tonen zich enerzijds tevreden over sommige maatregelen, maar stellen zich anderzijds kritisch op ten aanzien van andere punten uit de tekst.

In eerste instantie betreuren zowel TLV als Febetra dat de regels rond de detachering van werknemers enkel en alleen (als de tekst ook goedgekeurd wordt door het Parlement en de Raad) van toepassing zijn op cabotage: “Deze wetgeving zou ook van toepassing moeten zijn op het internationaal transport. In de veronderstelling dat dit principe zou worden toegepast, blijft een Belgische chauffeur nog altijd duurder dan zijn buitenlandse collega’s omdat de sociale bijdragen nog altijd moeten betaald worden in het land waar de bestuurder gedomicilieerd is”, zegt Philippe Degraef van Febetra. Dit onderdeel van de tekst wordt door de Poolse sectorfederatie ZMPD als een ‘grote overwinning’ onthaald, en deze uitspraak spreekt boekdelen.

De Belgische beroeporganisaties zijn enorm te spreken over de beslissing om voortaan ook lichte bedrijfsvoertuigen te onderwerpen aan de regels die in het wegtransport van toepassing zijn. TLV, Febetra en UPTR zijn het unaniem eens over dit punt, maar TLV benadrukt dat de vastgelegde MTM nog te hoog is.

De maatregelen om de strijd aan te binden tegen postbusbedrijven worden ook op gejuich onthaald, maar de verplichting om over voldoende parkeerplaatsen te beschikken om van een ‘vaste verblijfplaats’ te kunnen spreken, valt niet in goede aarde bij zowel Febetra als TLV. “Zelfs in België zijn er onvoldoende industrieterreinen om een parkeerplaats te voorzien voor alle vrachtwagens. Bij het maken van nieuwe regels mag men de economische realiteit niet uit het oog verliezen”, klinkt het bij TLV.

Op het vlak van de rij- en rusttijden, kan TLV zich terugvinden in de goedgekeurde teksten, maar net als Febetra wil TLV meer duidelijkheid. Beide organisaties merken op dat de huidige parkinginfrastructuur ontoereikend is om de tekst naar behoren toe te passen.

Uiteenlopende standpunten m.b.t. cabotage

De federaties zijn het onderling oneens over het onderwerp van de cabotage. TLV is tevreden dat het tijdelijk karakter werd behouden en dat er dus geen sprake is van een grotere liberalisering. Op dat vlak wordt TLV bijgetreden door Febetra: “De goedgekeurde regels rond cabotage zijn minder ‘liberaal’ dan het aanvankelijke voorstel van de Commissie, maar zijn wel zeer complex. Cabotage gedurende zeven dagen (maar beperkt tot 48 uur in eenzelfde lidstaat), daarna terugkeren naar de thuisbasis om er 72 uren te wachten om opnieuw met cabotage-activiteiten van start te kunnen gaan. Is het wel mogelijk om dergelijke ingewikkelde regels te controleren? Wij blijven voorstander van de huidige regels”, aldus Philippe Degraef.

Michael Reul wijst echter op de gevaren voor de Belgische vervoerders die internationaal vervoer verrichten richting Frankrijk: “De Belgische transporteurs krijgen op die manier geen toegang meer tot de Franse markt, hoewel er totaal geen sprake is van oneerlijke concurrentie tussen de Belgische en Franse vervoerders op deze markt.” Michael Reul spreekt met andere woorden over een slecht compromis.

Ontvangt u onze wekelijkse nieuwsbrief nog niet? Schrijf je dan hier in!